Home Nieuws Agenda Forum Contact Links
Hoofdmenu
Wie is online
6 gebruiker(s) zijn on-line (1 gebruiker(s) zijn op Content)

Leden: 0
Gasten: 6

meer...




Stijlen


Rococo

Rococo is een Europese stijlperiode uit ruwweg 1720-1775.
De naam is een samentrekking van het Franse woord
rocaille, een asymmetrisch schelpmotief dat men in de 18e eeuw aantreft in met name de interieurkunst,
en het Italiaanse
barocco, dat barok betekent.

Kenmerkend voor het rococo is de genoemde asymmetrie, de nadruk op elegantie en het lieflijke en luchtige karakter. Het kleurgebruik typeert zich door de zachte tinten, met veel gebruik van pastel.

Met betrekking tot de decoratie zet de beweging van de barok zich in het rococo voort, maar ze fragmenteert zich en wordt op kleinere schaal uitgedrukt. Monumentaliteit wordt vervangen door lossere vormen, vrolijkheid en frivoliteit; de onderwerpen worden minder ernstig. Dit valt samen met het minder streng worden van de sociale en morele codes in de samenleving.


Jugendstil

Jugendstil is een kunststroming die tussen 1880-1914 op verschillende plaatsen in Europa opkwam, voornamelijk als reactie op het vormvervagende impressionisme.

De beweging staat ook onder verschillende andere namen bekend:

  • de Franse art nouveau van Hector Guimard
  • de Oostenrijkse Secession van Gustav Klimt
  • de Tsjechische Seczession van Alfons Mucha
  • de Duitse Münchener Sezession van Franz von Stuck
  • de Engelse 'modern style' van Aubrey Beardsley
  • het Catalaanse modernisme van Antoni Gaudí
  • het Belgische art nouveau van Victor Horta, Henry Van de Velde, Paul Hankar

Een gemeenschappelijk kenmerk van deze jugendstil-stromingen is het gebruik van golvende ornamentele lijnen, vaak in de gedaante van gestileerde planten. Elk jugendstilproduct is een gesamtkunstwerk
omdat dezelfde stijlkenmerken terugkomen in een gebouw, meubel of siervoorwerp.

In januari 1896 gaf Georg Hirth in München het satirische weekblad Die Jugend uit. De randillustratie werd verzorgd door Otto Eckmann, Bernhard Pankok en Bruno Paul. Al in het eerste hoofdartikel brak Hirth een lans voor de kunstvernieuwing. De term Jugendstil verscheen in een tekst van de revue Insel van Rudolf Schröder, in hetzelfde jaar. In de volksmond werd jugendstil ook spaghettistijl of style nouille genoemd, vanwege de typische golvende lijnen. De stroming kreeg ook de benamingen slaoliestijl (naar aanleiding van reclame voor slaolie in jugendstil), style Horta (naar de Belgische architect) en style métro toegemeten. In 1894 al maakte de style Mucha ophef, naar aanleiding van de expositie van zijn arabeske Sarah Bernhardt-affiches, in Parijs.

In datzelfde 1896 opende Siegfried Bing zijn Parijse galerij L'Art Nouveau, in de Rue de Provence. Hij werd de grote Franse stimulator van de vernieuwende kunst. De stroming is naar zijn galerie genoemd.

In 1897 werd Gustav Klimt de eerste voorzitter van de pas te Wenen gestichte Secession.

Ondanks de opvallende regionale verschillen zijn er een aantal kenmerken die deze stromingen verenigen: een optimistisch wereldbeeld en geloof in de toekomst, een voorliefde voor het gebruik van nieuwe, moderne technieken (in de architectuur bijvoorbeeld grote glasoppervlakken), een afkeer van symmetrie en een voorkeur voor ornamentiek, waarbij bloem- en vogelmotieven domineren.

De stroming kende een korte maar hevige bloeitijd. In West-Europa was de stijl ruim voor 1910 al verleden tijd, in het oosten kon ze wat langer overleven.

De jugendstil manifesteerde zich vooral in gebruiksvoorwerpen (glaskunst, plateel, sieraden, meubels etc.), de architectuur en de schilderkunst.


Art Deco

Art Deco is een kunstrichting, gesitueerd tussen 1915 en 1940. De periode behelsde twee tegenstrijdige stromingen. Enerzijds werd de stijl gekenmerkt door kostbare,

rijke materialen, dikwijls met de hand vervaardigd,
decoratief en luxueus. Anderzijds werd er gestreefd naar simpele, functionele vormen en naar massaproduktie.
Binnen deze tweede stroming werd veel kunststof gebruikt, onder andere bakeliet, de eerste kunststof, door een Belg in 1909 ontwikkeld. Deze beide richtingen hebben slechts met elkaar de tijd van toepassing gemeen.
Tot de laatste "functionele" groepering behoort het Duitse Bauhaus, De Stijl in Nederland en de L'Esprit Nouveau uit Frankrijk. Alhoewel in zeer veel opzichten van elkaar verschillend dragen beide stromingen dezelfde naam:
Art Deco.
Het kostbare luxueuse Art Deco ontwikkelde zich gelijktijdig met de
Art Nouveau en hadden beiden als bakermat en inspirato de Arts and Crafts beweging uit Engeland.
Binnen de Art Deco werd de golvende lijn, de zweepslag, vereenvoudigd, geometrischer, zoals onder andere te zien is in het vroege werk van de Nederlander Chris van der Hoef en bij de Belg Henry van de Velde.

Het kunstzinnige, rijke Art Deco kende zijn bloeitijd vooral in de twintiger jaren, de Roaring Twenties, samen met de opkomst van de jazz en de big-bands, met als definitief einde de beurskrach uit 1929, toen veel nouveaux riches, met name de nieuwe rijken uit de Eerste Wereldoorlog,

hun geld verloren. Daarna was er de grote doorbraak van de simpele, modernistische Art Deco, met zijn bakelieten radio's, juke-boxen, stalen meubelen en dergelijk.
Een zeer grote naam uit deze tijd was Le Corbusier,
die op de wereldtentoonstelling van 1925 nog ondermaats was weggemoffeld in een onaanzienlijk paviljoen op een afgelegen, niet erg toegankelijke plek.
Overigens ontleent Art Deco zijn naam aan deze tentoonstelling.


    



Kalender
September 2010
Add event Evenement inzenden
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
    1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30      
Advertentie